Lieuwe Bos
Lieuwe Bos
Longarts-intensivist Lieuwe Bos werd per 1 maart benoemd tot hoogleraar Precisiegeneeskunde in de intensive care aan het Amsterdam UMC. Zijn onderzoek richt zich op het beter begrijpen van verschillen tussen patiënten met ogenschijnlijk dezelfde ziektebeelden, met als doel behandelingen gerichter in te zetten. De Intensivist stelde hem vijf vragen.
Hoe ga jij met je leerstoel de IC-geneeskunde verder brengen?
‘In de wetenschap kijken we naar behandeleffecten op groepsniveau, terwijl we in de kliniek juist de individuele patiënt zo goed mogelijk willen behandelen. Daar zit een spanningsveld: studies laten zien wat gemiddeld werkt, maar dat zegt niet altijd iets over wat het beste is voor de patiënt voor je. Precisiegeneeskunde beoogt een balans te vinden tussen elk uniek individu en studies op groepsniveau, met als doel subgroepen identificeren die voordeel hebben van de interventies die we tot onze beschikking hebben.’
Wie is je grote voorbeeld?
‘Dat vind ik een lastige vraag, want ik heb er eigenlijk heel veel. In mijn onderzoeksveld is Carolyn Calfee een groot voorbeeld. Zij heeft het onderzoek naar fenotypes bij bijvoorbeeld ARDS echt op de kaart gezet. Wat ik bijzonder vind, is haar volharding: niet steeds iets nieuws beginnen, maar echt tot op de bodem uitzoeken wat die fenotypes inhouden. Daarnaast doet ze dat op een open en samenwerkende manier, zonder vijandigheid en met onderzoekers van over de hele wereld. Dat is wat mij betreft hoe wetenschap idealiter werkt.’
Waarom ben je dit gaan doen?
‘Ik ben al met onderzoek begonnen lang voordat ik arts werd. In mijn tweede jaar geneeskunde werd ik gevraagd om onderzoek te doen op de afdeling longziekten. Ik merkte toen dat ik in de studie geneeskunde soms de diepgang miste die ik zocht, terwijl ik die wel vond in onderzoek. Het mooie is dat mijn nieuwsgierigheid mijn werk is geworden en dat ik samen mag werken met mensen die ergens enorm veel van weten. De combinatie met klinisch werk maakt dat voor mij extra aantrekkelijk.’
Waar ben je het meest trots op?
‘Op de onderzoeksgroep die we in Amsterdam hebben opgebouwd. Het is een team van mensen uit verschillende disciplines dat elkaar echt wil helpen, ongeacht onder welke principal investigator je valt. We zijn niet langer afhankelijk van een individu of een kleine groep, maar hebben een breed gedragen onderzoeksteam.’
Wat is je tip voor de beginnend intensivist met onderzoeksambities?
‘Doe het alleen als je er echt blij van wordt. Onderzoek doen naast klinisch werk is gewoon heel hard werken. Daarnaast is het belangrijk om iemand te vinden die je wil begeleiden en verder helpen, een mentor. Niet iemand die het voor zichzelf doet, maar een persoon het belangrijk vindt dat jij en de wetenschap vooruitkomen.’
